blabla
Home

Convento de San Antón, Castrojeriz, Burgos   

Aankomst in San Anton en de eerste dag:    

Ik ben gek op ruïnes. Ik vind het heerlijk om daar rond te lopen en de sfeer te voelen van die enorme "steenmassa's". Wat bouwden ze vroeger toch degelijk; voor de eeuwigheid.

xx xx xx



Ik loop langs het gebouw en vraag mij af waar de ingang is. Die blijkt aan de achterkant te zijn. (de poort aan de voorkant wordt niet gebruikt).

Ik ga naar binnen en sta stil.
Die enorme muren (d.w.z. dat wat er van over is) zijn zo indrukwekkend!

xx xx xxxx xx






xx xx xx xx xx






xx xx xx xx

xx xx xx



Er hangt een "gewijde" sfeer.
Een enorme ruimte,
stilte,
een papegaai zit op een draad die van de ene muur naar de andere loopt.
Mensen, die ook stil zijn of zachtjes praten en rond kijken,
muren met beeldhouwwerken,
een enkele boog, waar vroeger een dak geweest moet zijn,
een enkele bloempot met bloemen erin,
rechts van de ingang een tafel met twee banken erbij,
en aan de overkant iets wat lijkt op een deur naar een huisje?

Ik loop over het terrein naar de overkant en zie daar een vrouw, die zit te schrijven.
Ze kijkt op en vertelt dat dit een ruïne is van een oud klooster dat ook dienst deed als onderdak en ziekenhuis voor de pelgrims.

En ze vertelt dat hier een albergue is.
Ze laat mij de albergue zien, en ik ben meteen helemaal enthousiast.

xx xx De slaapruimte ziet er netjes en opgeruimd uit.
Het is niet groot.
Maar de deur naar buiten kan s'-nachts gewoon open blijven voor de frisse lucht, want de buitenpoort gaat dicht en op slot.
                 De muren zijn al eeuwen oud ......... xx

xx
Het sanitair is eenvoudig.
Geen warm water => koude douche, brrrr.....
Maar wel schoon en ruim en het ziet er allemaal heel verzorgd uit.

Hier wil ik wel blijven vandaag.

Het is nog vroeg (het is half negen in de ochtend), en normaal gesproken zou ik er niet over peinzen dan al te stoppen.
Maar ik wil dat meemaken => geen electriciteit
=> dus kaarslicht en geen warm water
=> back to the basics.
Super eenvoudig maar je kunt er wel eten en slapen en er is alles wat ik nodig heb.

En de sterrenhemel in de nacht is "fabulous".

Dus ik vraag of ik mij kan inschrijven.
Natuurlijk! Zij zijn blij.

xx "Zij" zijn een Amerikaanse vrouw, Kerri, die lerares is, en graag kookt en allerlei etenswaren heeft meegenomen naar de albergue, omdat zij de gasten goed voedsel wil geven.
En goed voedsel is eten met een hoog calorisch gehalte
=> bv. pindakaas en nutella.
En ze had nog meer, maar ik ben het kwijt.
Zij is echt heel zorgzaam maar denkt ook wel dat zij degene is die overal zorg voor moet dragen, hihi.

Sandra is een Zuidafrikaanse.
Zij is van boerenafkomst en kan goed omgaan met de basic omstandigheden.
Nu heeft zij een eigen bedrijf en maakt een soort chutney die zij verkoopt in Zuid Afrika en exporteert naar het buitenland.
Ook een heel hartelijke vrouw en zeker ook heel zorgzaam, maar beter in staat zaken los te laten en het aan een ander over te laten. (gelukkig maar, hihihi).
Op de foto rechts van mij Kerri en links Sandra.

Er is een probleem met de watervoorziening.
De wateraanvoer gaat via de buren en de vrijwilligsters zijn bang dat wanneer wij teveel water gebruiken, dat de waterkraan dicht gedraaid zou worden.

xx Daar is een soort goot, waar een pijp uit de muur komt, waar water uit stroomt.
Dus doe ik mijn was met dat "gratis" water, net buiten de poort. Het is schoon en helder water => geen probleem.
xx xx



Een beetje een belasting voor de rug. Maar gelukkig heb ik daar niet zo'n last van.
En het heeft ook wel iets, zo te wassen in de open lucht en aan de straat, hahaha.

Omdat ik stof allergisch ben en niet helemaal vertrouw of de lakens op de bedden niet heel erg stoffig zijn, vraag ik of ik het laken zelf mag wassen.
=> geen probleem.
Nadat alle was op de droogrekken hangt, ga ik samen met een duitse vrouw die ik eerder had ontmoet, samen naar Castrojeritz (het dorp 3,2 km verder).

Ik heb iets nodig van de apotheek (weet niet meer wat) en wil geld pinnen. Zij wil daar overnachten.

xx
Samen lopen wij op en bij de poort, die over de weg gaat, aangekomen stelt de Duitse voor om een foto van mij te maken. Ik moet in de bloemen poseren, hihi.

xx

Na een klein uurtje komen wij aan bij Castrojeritz.

Wij slenteren door het stadje en komen bij "het Hospital del ama".
We gaan naar binnen en zijn beiden onder de indruk van de inrichting en de sfeer die er hangt.
Wij fluisteren (tja 2 vrouwen bij elkaar en dan niet praten??)

maar eigenlijk is het niet de bedoeling dat je hier praat.
We komen een "aparte" man tegen die lijkt de eigenaar van het huis te zijn.
De Duitse begroet hem, maar hij gebaart "stilte".
Er ontstaat een beetje een "giegelend meiden" sfeertje en ik wil weg.
Later zal ik hier nog alleen terug komen.

Wij gaan op zoek naar de "winkels" die wij nodig hebben en ondertussen bekijken wij de beschikbare albergues.

Nadat zij een albergue heeft gevonden en ik mijn apotheek en bank-automaat drinken we nog samen wat en nemen dan afscheid.
De terugtocht is wel erg warm .......

Aangekomen bij de albergue ben ik best moe van de tocht en de warmte en ga voor de gezelligheid en om iets lekker koud te drinken, naar de bar aan de overkant van de weg (50 m verderop).

xx


Hiervoor loop ik onder de poort door en dan is aan de rechterkant de bar.

xx
xx De barman heet Angel.
De twee meiden noemen hem op zijn engels "angel", en ik denk dat hij echt zo heet.

De barman Angel is een heel vrolijke en hartelijke man, die zoveel plezier heeft in zijn werk. Hij snijdt ernorme watermeloenen en een andere soort meloen, in kleine stukken en doet deze in grote plastic bekers.
Ik geloof €3,= voor een halve liter beker vol.
Ook de frisdranken zijn €1,30 geloof ik. Echt niet duur.
Het lijkt erop dat hij het leuk vindt om iets bij te verdienen, maar vooral omdat hij het leuk vindt om het te doen. En het contact met de mensen.

Angel heeft veel plezier met een andere man, die hij zijn "vriend" noemt.
Hij vertelt dat de man bij hem logeert, en dat hij geen officiële albergue heeft, maar wel een paar kamers voor "speciale pelgrims". En hij is er één van. Hij zegt mij dat ik ook zo'n pelgrim ben, en dat ik ook bij hem een kamer kan krijgen.
xx Zijn huis staat aan de overkant van de weg.

Natuurlijk een heel lief aanbod, en ik voel mij gevleid dat ik speciaal ben, maar ik vertel hem dat ik al in de albergue slaap en dat ik dat prima vind.
Hij lacht en vraagt of ik de koude douche dan niet erg vind .......
Dapper zeg ik dat dat helemaal geen probleem is, hahaha.

Ik ga terug naar de albergue en vraag of ik iets kan helpen.
Het antwoord: "Nee. Ga maar lekker even genieten".

Dan ga ik eerst lekker in de stilte zitten "nietsen".
Op zich niet gemakkelijk voor mij. Ik voel heel sterk de onrust die in mij zit en dat is niet lekker .
Dus ik blijf toch zitten en probeer de stilte te voelen.
Uiteindelijk ga ik op een bankje liggen en dat gaat gemakkelijker.
Ik vraag of ik een dag langer kan blijven, nu ik voel hoe onrustig ik eigenlijk van binnen ben en ook omdat mijn voet intussen ook pijn was gaan doen.
=> geen probleem.

Dan ga ik helpen met het eten voorbereiden. Gezellig zo in de keuken.
De meiden vertellen mij hoe het zo gaat in de albergue wanneer je als vrijwilliger (hopitalero) daar werkt.
Allereerst moet je zelf je reis ernaar toe betalen.
Dan krijg je wel een eigen ruimte (een soort container) die voor de hopitaleros is. (niet groot en weinig raam .....)
Je krijgt ook daggeld waar je dan boodschappen van kunt doen, voor het eten voor jezelf en de gasten.
En omdat het dorpje (de winkel) 3,5 km verderop is, kun je bij de "eigenaar" van de albergue eten of andere zaken, bestellen.
Maar die is natuurlijk afhankelijk van wat in het dorpje verkrijgbaar is en ook kijkt hij of hij het een goed idee vindt wat jij denkt nodig te hebben.

Het is dus echt een uitdaging om daar lekker eten klaar te maken.
Gelukkig brengt Angel regelmatig producten van zijn eigen landje
=> groenten, tomaten, fruit (perzikken, frambozen, aardbeien, zoooo lekker).
De bakker komt aan huis.

Verder wordt je geacht de ruimtes netjes opgeruimd en schoon te houden.
Het verblijf van de gasten is op basis van donativo.
De een zal meer betalen dan de ander .....

Op een gegeven moment geeft Kerri aan dat er niets meer te doen is.
Het eten moet een tijdje op het vuur staan en wij kunnen iets anders gaan doen.

Sandra en ik gaan naar buiten en daar moet Sandra toch even haar hart luchten.
Ze heeft wel moeite met Kerri.
Wanneer Sandra een voorstel doet, om het even of het nu gaat om het eten, of over schoonmaken van de ruimtes, of over ....... dan denkt Kerri na en heeft een idee, en zo zal het dan ook uitgevoerd worden.
Dit had ik allang gezien en ik had al bewondering voor Sandra die hier heel goed mee omgaat.
Dit zeg ik haar dan ook, en ook dat het kennelijk zo moest zijn dat zij naast Kerri hier is, want met iemand anders was er misschien wel ruzie ontstaan.
En dat is natuurlijk wel heel erg!
Sandra is blij met mijn antwoord.
Ik kan mij voorstellen, dat je dan even "support" wil.
Daarna wisselen Sandra en ik wel eens blikken van verstandhouding.
Maar de sfeer blijft uitstekend, en Kerri is helemaal in haar element.

Er zijn een aantal gasten. Ik geloof vier.
Er wordt vegetarisch gekookt, omdat de andere gasten ook vegetariërs zijn.
Bof ik even, haha.

De maaltijd wordt bij kaarslicht genuttigd. Wat een sfeertje.
Er wordt geanimeerd gepraat, gelachen en de maaltijd is werkelijk voortreffelijk van smaak. Zo, wat kan Kerri koken!
Echt mijn complimenten aan haar.
   
Voor het eten maak ik nog wat foto's in het schemer-donker.
xx xx xx xx De maan is al zichtbaar en dit geeft weer een sprookjesachtige sfeer.

We gaan niet erg vroeg slapen, maar ik vind het niet erg, want hoef toch niet vroeg op. En de anderen hebben de bedtijd bepaald .....

Midden in de nacht moet ik naar de WC.
Tja dat is een hele onderneming, want de WC ligt aan de andere kant van de "huiskamer" en je moet dus buiten om.
En ik heb pech, want het is licht bewolkt en dus geen prachtige sterrenhemel.
In de sanitair ruimte brandt een lamp op zonnecellen. Wat een luxe, hihi.
Ik had mij al mentaal voorbereid om het met mijn zaklamp van de telefoon te moeten doen.

De tweede dag in San Anton:     

Wanneer ik eindelijk wakker ben; ik heb helemaal niet gemerkt dat mijn mede slaapgenoten al zijn opgestaan en vertrokken, kom ik buiten met een slaperig hoofd en een pyjama aan, en zie daar aan de overkant door de poort, een paar pelgrims naar binnen komen.
Die hebben al een hele tocht achter de rug.
Die zien mijn verschrikte en verwarde hoofd en duidelijke nachtkledij, en moeten vreselijk lachen.
Tja, dit moet ook wel heel komisch zijn geweest.

Gauw douche spullen pakken en mij aankleden.
Een koude douche in de ochtend (dan is het daar ook nog niet warm .....) is een uitdaging kan ik zeggen, brrrrrrrrrrr.

Lekker ontbijten en de meiden vragen of ik, wanneer ik hier toch blijf, op < de bakker wil wachten. Die komt met een bestelauto en toetert.
Natuurlijk wil ik dat. Dan kunnen zij naar de markt in Castrojeritz.
Ze gaan lopen, dus dat is wel een paar uurtjes bezig zijn.

Wanneer de bakker is geweest, ga ik nog een keer naar de bar.
xx Angel is vrolijk als altijd en ik krijg de koffie gratis.
Ook mag ik mijn telefoon daar opladen.


Dan komt Claude binnen samen met een paar anderen.
Wat een weerzien! Wat vind ik het leuk om deze stoere hippie (met hartkwaal) terug te zien. Hij moet even denken, en dan weet hij het ook weer.
Het gaat nog steeds heel goed. Ook één van de andere vrouwen in zijn gezelschap, zegt dat hij een taaie is.

Angel en ik proberen met engels, spaans (sommige woorden lijken op het frans), handen en voeten, te communiceren.
Het gaat moeizaam, maar het is ook lachen!
Hij nodigt mij uit voor het avondeten, maar ik zeg hem dat ik al beloofd heb in de albergue te eten. Dan nodigt hij ook de meiden uit (dat moet ik dan doorgeven aan hun).
Maar ik vertel hem dat dat niet gaat omdat zij koken voor de gasten.
Hij vindt het maar niets, en vraagt mij of hij dan "boos" moet worden???
Maar dat kan hij volgens mij helemaal niet, haha.

Ik ga terug naar de ruïne en daar is de man van de "hospital del alma".
Hij zit een dennenappel te beschilderen.
Wij raken in gesprek en door dit gesprek besef ik nogmaals hoe belangrijk stilte is en stilte in jezelf!

Later wanneer hij weggaat sta ik bij de deur en hij legt de dennenappel op de tafel bij de poort. Hij gebaart dat hij voor mij is.
Ik heb de dennenappel gepakt en bewaard. Ik heb hem nog steeds.

xx xx Aan de achterkant liep een weggetje de velden in. Ik was nieuwsgierig waar dit weggetje heen zou gaan, maar het was heel warm en ik was moe en mijn voet moest eigenlijk rust hebben .......

Tijdens het voorbereiden van de maaltijd, vraag ik hoe Sandra en Kerri
hospitalero zijn geworden en hoe je je hiervoor zou kunnen opgeven.
Wanneer ik dit werk zou willen doen, dan denk ik dat dit één van de plaatsen is waar mijn voorkeur naar uit zou gaan.

De maaltijd is weer heel gezellig. Het is wel een speciaal type pelgrim dat ervoor kiest om in deze albergue te blijven slapen.
De sfeer is ingetogen, en toch met spontane grappen en er wordt veel gelachen.
xx
Dit keer maken we wel foto's.



xx Na het eten maak ik nog een foto in het echte donker. Je kunt er niet veel op zien. Maar de maan die daar zo bij die ruïne schijnt probeer ik wel vast te leggen.

De derde dag in San Anton:     

Vandaag ga ik verder.

Ik sta nu wel vroeg op, want ik wil vandaag voor de warmte toch een stuk gelopen hebben en ik wil de tijd hebben om afscheid te kunnen nemen.

Bij het ontbijt bespreken Kerri en Sandra wat ze in de avond zullen eten.
Kerri geeft aan (en duldt geen tegenspraak, hihhihi) dat zij na al dat vegetarische eten wel toe is aan iets "stevigers".
Zij wil iets met kip. Dat is gezond. En dat zullen ze dus vragen aan hun voedsel leverancier.

Wanneer ik dan echt wegga, valt het afscheid mij zwaar.
De twee meiden zijn ieder op hun eigen manier fantastische vrouwen.
Ik krijg van de zuidafrikaanse een olifantje als herinnering aan San Anton en als geluks brenger voor de rest van de camino.
Zo lief!!

Dan loop ik langs de bar van Angel. Ik vertel hem dat ik wegga, maar misscchien ooit als hospitalero terug kom.
Dat vind hij een fantastisch idee, hoewel hij wel verbaasd is dat ik onder zulke primitieve omstandigheden zou willen werken.
Ik moet beloven dat wanneer ik terug kom ik tenminste één avond bij hem kom eten. Dat doe ik.
En ik beloof dat wanneer ik terug kom, ik ook een beetje spaans geleerd zal hebben.
Dan kijkt hij helemaal blij verrast en zegt dat hij dat wel heel leuk zou vinden.
Ik denk dat het een voorwaarde is, wil je in die omgeving hospitalero zijn.

Ik wil een foto van hem maken, maar hij wil een selfie.
xx xx Ook leuk, alleen ben ik daar niet zo handig in
=> dit wordt lachen!!

Hij zwaait mij uit.

Wanneer ik alleen ben en uit zicht rollen de tranen over mijn wangen.
Alles in mij wil helemaal geen afscheid nemen van deze rust, deze ruimte en frisse lucht om mij heen, deze warme en liefdevolle omgeving, deze gezelligheid waarin je helemaal jezelf kan zijn.

xx

xx De weg ligt voor mij

                                      en ik kijk opzij.


                   Ja, ik zal nog vaak aan Angel en San Anton denken.

Historische informatie over San Anton:     

xx De officiële naam is Convento de San Antón, Castrojeriz, Burgos.

Het is in de middeleeuwen een groot complex geweest, waar pelgrims onderdak vonden en zieken werden verzorgd.

Het woord "hospital" was in die tijd gelinkt aan het woord "hospitality" wat gastvrijheid betekent.
Er waren twaalf bedden voor de gasten en de pelgrims konden hier overnachten. De gezonde pelgrims sliepen naast de zieken en stervenden.

Het klooster was van de orde "Sint Antonius".
Deze orde komt oorspronkelijk uit Egypte waar de heilige Anthony leefde.
xx
Na zijn dood is deze orde opgericht met de leefregels die Anthony naleefde.

Zij droegen op hun habijt de griekse letter "T" als symbool.

De orde is naar Europa verhuisd met de opkomst van de Islam en kwam in Frankrijk aan in dezelfde tijd dat hier een vreselijke epidemie heerste.
Deze ziekte maakte zijn slachtoffers gek door prikkeling, brandende gewrichten en afstervende (zwarte) ledematen.
De Antonius monniken konden het beste deze ziekte genezen.

Het klooster-comlex werd gebouwd rond 1146 onder bescherming van de Castiliaanse koning Alfonso VII de keizer.
In die tijd hadden monniken een dubbele functie. Zij zweerden trouw te zijn aan de geestelijke orde, maar zij zweerden ook om de "tegenstanders van het christelijke geloof", de Moren, te vernietigen. Zij waren dus ook van een militaire orde en deze taak was voor de keizer zéér belangrijk.
Het complex werd gebouwd als een "kasteel".

De orde had natuurlijk geld nodig om deze taken uit te voeren en een manier was dat zij in het voorjaar een grote hoeveelheid biggen, gebrandmerkt met het Tau-teken en een bel om de nek, los lieten lopen door de straten in de omgeving.
xx Deze biggen voeden zich met rest afval, of kregen eten van de bevolking.
Aan de muren is nog een gebeeldhouwde big te zien.

Het complex groeide uit tot een dorpje op zich, met allerlei soorten ambachtslieden, die hun eigen geld verdienden.
De laatste delen zijn gebouwd in de 17de eeuw.

Het klooster werd in 1791 wegens gebrek aan roepingen gesloten.
Het werd het eigendom van de collegiale kerk van Nuestra Señora del Manzano. De resten zijn nu particulier eigendom.


Meer informatie is de vinden op http://www.castrojeriz.es/portfolio-item/ruinas-del-convento-de-san-anton